"In technologie sluimert de belofte van een nieuw begin", dit wenkend
perspectief wordt me gepresenteerd in een tijdschrift over Human Resource
Development. Zomaar wat andere termen die ik in het verder zeer lezenswaardige
artikel tegenkom zijn `human performance technology' en `social engineering';
u merkt het al, bij het Nationaal Dictee zou ik hoog scoren. "Het aardige
aan human performance technology is" zegt de schrijver "dat het een goed
hulpmiddel is het interventierepertoire te verbreden".
Kan ik het helpen dat bij mij na lezing van dergelijke teksten torens
van Babel beginnen op te rispen, torens zoals Paulus Morssink die met zo
veel verve schetst? Subtiele sociale netwerken teruggebracht tot meet-
en regelsystemen van ingenieurs, complexe arbeidsorganisaties gereduceerd
tot een speeltje voor techneuten.
`You don't need a weatherman to know which way the wind blows' zong
Bob Dylan in 1965 al.
Geldstromen bestemd voor algemene nutstaken en opgebracht door arme
belastingbetalers als u en ik, mogen niet worden gebruikt om op de particuliere
markt te concurreren. Er zou dan sprake zijn van 'kruissubsidies'.
Van kruisbestuiving hoordde ik voor het eerst toen ik een jaar of 14
was maar dat ik tegen mijn vijftigste nog geconfronteerd zou worden met
een kruistocht tegen kruissubsidies heb ik in mijn wildste nachten niet
kunnen dromen.
Tot voor kort kende ik die term niet maar sinds 1 januari 1995, nu
het KNMI een agentschap van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat is
geworden, weet ik er alles van.
"Als agentschap krijg je meer vrijheid" luidden de slogans vooraf en
het eerste wat ik van die toegenomen vrijheid merk is dat ik ingaande heden
iedere gewerkte minuut moet verantwoorden en in getallen schriftelijk vastleggen.
Met enige moeite kan ik daar als burger van Nederland nog wel begrip voor
opbrengen maar als eenvoudig meteoroloog zit ik er mooi wel mee.
Niet alleen het weer is een getal, ook een organisatie die je
beschrijft met kencijfers, net als mensen en het werk hunner handen!
't Is me wat, die moderne tijden.
Het wordt steeds ingewikkelder, het wordt steeds onoverzichtelijker
en de complexiteit van ons samenleven vereist steeds weer nieuwe technologie.
Het woord `sturen' durf ik in dit verband even niet in mijn mond te nemen.
Met dit alles gaat de samenleving steeds meer lijken op de atmosfeer
waarmee wij zo vertrouwd zijn.
Hoewel??? Hoe vertrouwd zijn we daar eigenlijk mee? Ja, met de getallen
die een deel van die atmosfeer beschrijven kunnen we onze apparaten soms
aardig bezig houden, maar wat weet een rekenmachien van de wind, wat weet
een computer van de wolken, wat weet een expertsystem van de regenboog?
Ik stel voor de getallen over te laten aan de machines (en de managers),
kunnen wij meteorologen, ons richten op de human resources.
Bilthoven, 17 januari 1995